Rotatorcuffscheur

De rotatorcuff is een groot peesblad dat vastzit aan de kop van de bovenarm. Het kan geleidelijk aan of plots losscheuren. Wanneer dat gebeurd is, kan de schouder pijnlijk worden en wordt het soms moeilijk om je arm te bewegen. De behandeling van zo’n scheur kan met of zonder operatie gebeuren.

De rotatorcuff

 
normale_schouderDe rotatorcuff of het rotatorenmanchet maakt deel uit van het schoudergewricht. Het bestaat uit vier pezen, die samen één groot peesblad vormen. Ze zijn de uitlopers van vier spieren die het schouderblad met de bovenarm verbinden. Ze zitten allevier vast aan de kop van de bovenarm.
 
Boven die bovenarmkop steekt het schouderdak uit. Dat is een benig uitsteeksel aan de bovenkant van het schouderblad. In normale omstandigheden glijden de rotatorcuffpezen vlot door de opening tussen het schouderdak en de schouderkop heen wanneer we onze arm en schouder bewegen. Om die glijbeweging nog te vergemakkelijken, zit tussen de pezen en het bot van het schouderdak een slijmbeurs of bursa. Dat is een soort kussentje.

 

Wat gebeurt er?

 

rotator_cuff_scheurJe kunt het rotatorcuffpeesblad vergelijken met een tentzeil, dat op verschillende plaatsen met touwen aan de grond is vastgemaakt. Slijtage kan dat peesblad doen afscheuren van zijn aanhechtingen, net zoals een versleten touw van een tentzeil. Meestal scheurt eerst de bovenste pees, maar soms zijn er verschillende tegelijk gescheurd. Net zoals met een tentzeil wordt de constructie zwakker naarmate er meer touwen, of pezen, scheuren. Meestal worden de scheuren op de duur groter, terwijl de pezen zich terugtrekken en korter worden. Ook de kwaliteit van de spier gaat er op achteruit: ze wordt stug en smelt geleidelijk aan weg.

Ook de lange pees van de bicepsspier kan gedeeltelijk losscheuren van het bot, of ontsteken. De bicepsspier helpt om de elleboog te plooien. Ze hangt met een lange en een korte pees vast aan de schouder. Vooral de korte pees is belangrijk om je elleboog goed te kunnen plooien.

bicepslijden

De lange pees is voor die plooibeweging niet belangrijk. Ze maakt ook geen deel uit van de rotatorcuff, maar loopt door een opening, het interval, tussen de rotatorcuffpezen het schoudergewricht uit. Vaak komen een rotatorcuffscheur en een gescheurde of ontstoken lange bicepspees samen voor. Ze worden dan ook samen behandeld.

Oorzaken

 
 
 
  • Slijtage en veroudering. Dat de pees scheurt door slijtage is niet uitzonderlijk: 13 procent van alle mensen tussen de leeftijd van 50-59 jaar heeft een rotatorcuffscheur, en meer dan de helft van alle 80-plussers.
  • Overbelasting, bijvoorbeeld door intensieve sportbeoefening of zware handenarbeid kan het proces verergeren.
  • Een ongeval. De pees scheurt plots door een val op de arm of een trekbeweging aan de arm. Dat komt vaker voor bij jongere mensen.
 

Symptomen

 

Niet iedereen met een rotatorcuffscheur heeft daar last van. Ook een tentzeil kan nog stevig genoeg vaststaan met drie i.p.v. vier touwen.

Is de pees gescheurd, dan kun je vooral pijn krijgen als je werkt met je armen boven schouderhoogte. Bijvoorbeeld als je de was ophangt of een plafond schildert.

Later krijg je ook ’s nachts pijn en wanneer je op je schouder ligt.

Je kunt merken dat de kracht in je arm vermindert en dat het moeilijker wordt om hem op te tillen of naar achteren te bewegen. Zelfs je haar kammen wordt dan een probleem.

Scheurt de pees plots door een ongeval, dan kun je je arm misschien niet meer omhoog tillen.

 

Onderzoek en diagnose

 
  • Lichamelijk onderzoek. De dokter gaat na hoe soepel het gewricht nog is en welke pezen gescheurd zijn. Dat gebeurt door je verschillende bewegingen te laten uitvoeren en kracht met je arm uit te laten oefenen.
  • Het resultaat daarvan wordt samengevat in de Constant-Murleyscore. Na de behandeling wordt dit onderzoek opnieuw uitgevoerd en worden beide resultaten met elkaar vergeleken. Dan zie je hoeveel je verbeterd bent door de behandeling.
  • Een röntgenfoto om de botten van de schouder in beeld te brengen en artrose op te sporen.
  • Een echografie om te kijken welke pezen gescheurd zijn en hoe groot de scheuren zijn.
  • Een arthro-CT- of arthro-MRI-scan om de scheuren in detail te bekijken. Meestal wordt eerst contrastvloeistof in het gewricht ingespoten voor een nog beter beeld.
 

Behandeling

 

Een gescheurde pees geneest niet vanzelf. De behandeling kan zonder of met een operatie gebeuren. Meestal opereert men pas als de niet-operatieve behandeling niet helpt. Als je nog jong en actief bent, opereert men sneller.

 
 

Zonder operatie: conservatieve behandeling

 
  • Rust: vermijd voorlopig bewegingen of activiteiten die de pijn uitlokken. maar beweeg verder je schouder en arm zo normaal mogelijk.
  • Een ijskompres en geneesmiddelen helpen tegen de pijn.
  • Kinesitherapie: je leert oefeningen om de spieren te versterken die wel nog goed werken, zodat ze de functie van de beschadigde spier kunnen overnemen.
  • Een injectie met cortisone in het schoudergewricht. Zo’n injectie bestrijdt de pijnlijke ontsteking en de zwelling die door de scheur is ontstaan. Cortisone kan nare bijwerkingen hebben. Daarom mag je ten hoogste drie van die injecties krijgen, telkens met ten minste twee weken ertussen. Opgelet: als je diabetes hebt, kan cortisone je suikergehalte tijdelijk verhogen. Controleer na de inspuiting wat vaker je suikerspiegel en raadpleeg je huisarts bij problemen.
  • Een injectie met hyaluronzuur. Hyaluronzuur is het hoofdbestanddeel van de natuurlijke gewrichtsvloeistof. Die vloeistof werkt als smeermiddel en schokdemper bij alle gewrichtsbewegingen. Hyaluronzuurinjecties werken eerst en vooral ontstekingsremmend. Waarschijnlijk wordt het gewrichtsvocht, dankzij het geïnjecteerde hyaluronzuur bovendien stroperiger en kan het zijn functie beter vervullen. Hyaluronzuur heeft minder nevenwerkingen dan cortisone, maar het duurt meestal langer voor je het resultaat merkt. Meestal krijg je 3 injecties, ook met telkens ten minste twee weken ertussen.
 
 

Operatie

 
  • rotator_cuff_herstelDe pezen worden tijdens een operatie weer aan het bot vastgemaakt. Zo’n operatie kan alleen lukken als de pezen zelf nog sterk genoeg en niet te veel verkort zijn. Anders kunnen ze nadien weer losschieten. Ook de spieren en het kraakbeen moeten nog goed zijn. Zijn niet alleen de pezen beschadigd maar is ook het kraakbeen van de schouderkop kapot, dan kan alleen een omgekeerde schouderprothese het probleem oplossen.
  • De ingreep gebeurt onder volledige verdoving. Je blijft gewoonlijk één nacht in het ziekenhuis.
  • Doorgaans is het een kijkoperatie of arthroscopie. Het litteken is dan kleiner en er moeten geen spieren beschadigd worden voor de ingreep.
  • De chirurg maakt enkele kleine sneetjes door de huid van je schouder. Via een van die sneetjes brengt hij of zij een arthroscoop – een kleine camera - in het gewricht. Het beeld afkomstig van de camera wordt vergroot geprojecteerd op een beeldscherm. Langs de overige sneetjes voert de chirurg de ingreep uit met speciale instrumenten.
  • bicepstenotomieIn het bot van de schouderkop wordt een anker vastgeschroefd. Aan zo’n anker zitten draadjes die in de pees worden genaaid en waarmee de pees tot tegen het bot wordt aangetrokken.
  • Ook andere problemen kunnen tijdens de operatie opgespoord en hersteld worden.
  • Is bijvoorbeeld ook de lange bicepspees gescheurd, dan wordt de aanhechting ervan ofwel gewoon losgemaakt, ofwel losgemaakt en lager weer vastgezet.
 
 
Herstel
 
  • Nadat de pezen zijn vastgemaakt, moeten ze opnieuw in het bot ingroeien. Het kan één tot anderhalf jaar duren voor ze weer even stevig vastzitten als voor ze losscheurden. Tijdens die hele ingroeiperiode blijven ze kwetsbaar, maar je bent al veel vroeger pijnvrij. Je leeftijd en conditie bepalen mee hoe goed de operatie lukt en hoe snel je geneest.
  • Je arm zit de eerste zes weken in een speciaal draagverband. Je mag het alleen even uitdoen om je arm te wassen en om te oefenen. De pezen moeten immers ongestoord weer ingroeien. Je arts of kinesist vertellen je welke bewegingen en oefeningen je wel mag en moet uitvoeren om te voorkomen dat je schouder verstijft. Je arm optillen blijft een hele tijd verboden.
  • Je mag dagelijks een ijspak op de schouder leggen.
  • Na veertien dagen gaan de draadjes eruit.
  • Na zes weken mag je je arm actief gaan bewegen.
  • Na drie maanden mag je oefeningen gaan doen om de spieren sterker te maken.
 
Verwikkelingen
 
  • Loslaten van de herstelling komt het vaakst voor en valt niet altijd te voorkomen. Om de kans te verlagen dat de pees opnieuw losscheurt, moet je de instructies voor je revalidatie goed opvolgen.
  • Een frozen shoulder. Als je de schouder té weinig beweegt, kan hij verstijven. Om dat te voorkomen, moet je die bewegingen en oefeningen doen die zijn voorgeschreven.
  • Infectie. Dat is erg zeldzaam. Hanteer zelf een goede hygiëne van de operatiewondjes en volg de instructies voor de verzorging goed op.
  • Tromboflebitis: de vorming van een bloedklonter in de aders. Dat is zeldzaam na een schouderoperatie. Loop vooral genoeg rond, om dit te voorkomen.
  • Schade aan een bloedvat of zenuw is ook erg zeldzaam. Een zenuwprobleem komt meestal vanzelf in orde na enkele maanden.
 

Meer informatie?

Hebt u nood aan een diagnose door een specialist in schouderaandoeningen? Contacteer ons voor een consultatie.