Pijn schouder Sleutelbeenbreuk

Sleutelbeenbreuk

Het sleutelbeen is een van de botten in ons lichaam die het gemakkelijkst breekt. Een sleutelbeenbreuk geneest meestal goed vanzelf. Ingewikkelde breuken moeten soms operatief hersteld worden met inwendige hulpmiddelen die het bot fixeren.

Waar zit het?

  • We hebben twee sleutelbeentjes: een aan weerszijden van de hals. Elk sleutelbeen is een lang dun bot, waarvan het grootste deel alleen door huid bedekt is. Daardoor kun je je eigen sleutelbeenderen gemakkelijk zien zitten, voelen bewegen en zelfs beetpakken. De meeste andere botten van ons lichaam zijn bedekt door spierlagen.
  • Aan beide uiteinden van het sleutelbeen zit een gewricht. Daarmee maakt het een beweeglijke verbinding met het borstbeen aan het ene uiteinde en het puntje van het schouderblad aan het andere uiteinde.
  • Dokters gebruiken ook de term claviculafractuur voor een sleutelbeenbreuk. Fractuur betekent breuk, clavicula is Latijn voor ‘sleuteltje’. Die naam heeft het sleutelbeen gekregen omdat het rond zijn as kan draaien zoals een sleutel in een slot.
  • Ons sleutelbeen speelt een belangrijke rol in de vrije beweging van onze armen. Het beschermt ook belangrijke bloedvaten en zenuwen naar de arm, die vlak onder het sleutelbeen doorlopen

Wat gebeurt er?

  • De sleutelbeenbreuk is een van de meest voorkomende botbreuken, vooral bij kinderen en jonge volwassenen. Het bot van je sleutelbeen wordt namelijk pas na je twintigste helemaal hard. Ook oudere mensen lopen meer risico, omdat hun botten met de leeftijd minder stevig worden.
  • Elke harde val of slag op de schouder kan het sleutelbeen doen breken. Wielrenners, ruiters en beoefenaars van contactsporten lopen daardoor meer risico. De breuk kan ook het gevolg zijn van een verkeersongeval.
  • Het sleutelbeen breekt meestal in het midden, omdat het daar het minst sterk is. Het kan ook aan een van de uiteinden, of zelfs op verschillende plaatsen tegelijk gebroken zijn. Bij kinderen gaat het vaak om een twijgbreuk: alleen het bot vanbinnen is geknakt, het beenvlies dat om het bot zit is nog heel.
  • Soms liggen de gebroken stukken nog mooi naast elkaar. Soms zijn ze verschoven en vormen een hoek met elkaar. Scherpe uiteinden van het gebroken bot kunnen de bloedvaten en zenuwen in de buurt beschadigen, maar dat is heel zeldzaam. Als de stukken door de huid heen steken spreekt men van een open breuk. In dat geval kunnen ziektekiemen in de wonde dringen en er een botinfectie veroorzaken. Hoe harder de klap of hoe zwaarder het ongeval was, des te zwaarder natuurlijk de gevolgen. Bij ongeveer één op drie sleutelbeenbreuken is er nog andere schade, zoals een gebroken rib of schouder.

Symptomen

  • Pijn in de schouder. Die pijn wordt erger wanneer je je arm probeert op te tillen of wanneer er op het sleutelbeen gedrukt wordt.
  • Je schouder hangt naar beneden en naar voren.
  • Een krakend of schurend geluid wanneer je je schouder beweegt.
  • Stijfheid of moeite om je arm te bewegen.
  • Zwelling en een bloeduitstorting op de plaats van de breuk.
  • De huid boven de breuk puilt uit of staat strak gespannen, omdat er een stukje bot tegenaan duwt. De huid kan ook doorboord zijn door het bot.
  • Heel soms voosheid.

Diagnose en onderzoek

  • Je verhaal en een uitwendig lichamelijk onderzoek maken meestal al duidelijk wat er aan de hand is.
  • Een klassieke röntgenopname – een RX-foto – toont in hoeveel stukken het bot gebroken is en of ze ten opzichte van elkaar verschoven zijn.
  • De dokter controleert of een groot bloedvat of zenuw geraakt is.

Behandeling

De behandeling hangt af van de ernst van de breuk.

Zonder operatie

Wanneer een kind zijn sleutelbeen breekt, geneest dat meestal zonder dat er een operatie nodig is. Dat geldt ook voor elke eenvoudige breuk, als de stukken van het bot niet (te veel) verschoven zijn ten opzichte van elkaar.

  • Pijnstillers helpen tegen de pijn, die de eerste dagen behoorlijk hevig kan zijn.
  • Een ijskompres vermindert de pijn en de zwelling.
  • Een draagdoek – ook mitella genoemd - ondersteunt de arm en vermindert daardoor de pijn. Dat is de enige behandeling als het om een heel eenvoudige breuk gaat.

Draag de mitella liefst een tiental dagen. Wanneer de pijn minder wordt mag je haar uitlaten

  • Ook een cijfer 8-verband helpt om de pijn te verminderen. Je schouderzone wordt dan gefixeerd met een strak verband, dat als een liggend cijfer acht over borst en bovenrug en onder beide oksels door loopt.
  • Zodra de pijn minder is en als de dokter het toelaat, mag je draaioefeningen doen om te voorkomen dat je schouder verstijft. Na enkele dagen mag je, binnen de pijngrens, opnieuw alle bewegingen maken. Na enkele weken kan je weer bijna alle bewegingen pijnloos uitvoeren.
Herstel

Kinderen zijn al na een drietal weken genezen, voor volwassenen duurt het zo’n zes weken tot drie maanden voor de breuk geheeld is. Tijdens het genezingsproces en ook daarna nog kun je op de plaats van de breuk een knobbeltje voelen. Dat is helemaal normaal. Het sleutelbeen kan ook wat korter worden dan vroeger, maar dat heeft doorgaans geen invloed op je bewegingsvrijheid.

Soms wil de breuk niet genezen. Dan ontstaat pseudoartrose: er wordt een vals gewricht gevormd. Veroorzaakt dat te veel pijn, dan moet je toch onder het mes.

Met operatie 

Een chirurgische ingreep is nodig om het gebroken sleutelbeen te herstellen als:

  • de breuk ingewikkeld is of als de botdelen erg verschoven zijn ten opzichte van elkaar.
  • het om een open breuk gaat en de botdelen door de huid steken.
  • de breuk niet vanzelf wil genezen en er pseudoartrose is ontstaan.
  • sneller herstel nodig is. Bijvoorbeeld voor professionele sporters is dat een belangrijk argument.
Wat gebeurt er?
  • Je wordt volledig verdoofd. Daarna maakt de chirurg een sneetje boven het sleutelbeen.
  • De breuk kan op twee manieren hersteld worden. Ofwel met een metalen plaat en schroeven, ofwel met een pin in het mergkanaal van het sleutelbeen. Het mergkanaal is de holle buis vanbinnen in het bot.
  • Na de operatie krijg je een draagdoek om. De volgende dag mag je naar huis.
  • Je mag je arm en schouder meteen weer bewegen, maar tot de breuk helemaal genezen is mag je geen zware gewichten tillen. Je mag ook niet tè snel herbeginnen met sporten.
  • De ingreep laat een litteken na op een zichtbare plaats.
Risico’s en verwikkelingen
  • Mogelijke verwikkelingen van de operatie zelf zijn: problemen met de verdoving, een infectie, een slecht helende wonde of schade aan een zenuw. Ze komen voor in 1 tot 5 procent van alle sleutelbeenoperaties.
  • Een frozen shoulder. Dan verstijft je schouder en wordt bewegen erg pijnlijk. Dat is meestal een tijdelijk probleem, maar het kan tot zes maanden duren voor het is opgelost met kinesitherapie. Dat risico zit erin na elk soort schouderoperatie.
  • Soms wil de breuk niet helen, maar dat gebeurt minder vaak dan na een niet-operatieve behandeling.
  • De huid kan voos blijven op de plaats van het litteken.
  • Soms irriteert de plaat of de pin. Dan moet hij chirurgisch weer verwijderd worden. Een plaat mag er ten vroegste 2 jaar na de operatie weer uit, een pin ten vroegste na 3 maanden.

Meer informatie?

Hebt u nood aan een diagnose door een specialist in schouderaandoeningen? Contacteer ons voor een consultatie.

 

lees pdf